paardenbloem

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • paar·den·bloem
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord paardenbloem paardenbloemen
verkleinwoord paardenbloempje
paardenbloemetje
paardenbloempjes
paardenbloemetjes

Zelfstandig naamwoord

paardenbloem v / m

  1. (plantkunde) (voeding) eetbare samengesteldbloemige plant van de soort Taraxacum officinale op Wikispecies, met geel bloemhoofdje en gepluimde zaadjes
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.

Meer informatie