norm
Uiterlijk
- norm
- Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘richtsnoer’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1889 [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | norm | normen |
| verkleinwoord | normpje | normpjes |
- stelsel van meestal ongeschreven gedragsregels, gebaseerd op een stelsel van waarden
- ▸ Morele keuzes werden een thema in al zijn boeken, die volgens Terlouw waren doortrokken van christelijke normen en waarden. Terlouw brak al vroeg met het geloof van zijn ouders, maar zette zich er nooit tegen af.[2]
- ▸ Omdat een duidelijke wettelijke normering van bestuurshandelen vaak ontbreekt, kan de rechtspositie van de burger niet rechtstreeks uit de wettelijke norm worden afgeleid.[3]
- ▸ Algemeen kiesrecht is een democratische norm en waarde die historisch bepaald is.[4]
- regel voor de normalisatie, een beschrijving van de manier waarop tewerk moet worden gegaan
- ▸ Wat is (een feit) leidt zo vrij automatisch naar wat zou moeten (een norm waaraan een waarde verbonden is).[4]
|
|
- Het woord norm staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "norm" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 98 % | van de Vlamingen.[5] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ "norm" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑
Weblink bron Dik Verkuil“Het vertrouwen van Jan Terlouw was zijn kracht en zijn zwakte” (16 mei 2025), NOS - ↑ Helen Stout“De Nederlandse rechtsstaat” (2015), Amsterdam University Press
, ISBN 9789048528622 - 1 2 Chiel van den Akker“Geschiedenis” (2019), Athenaeum - Polak & Van Gennep
, ISBN 9789025310578 - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be