langar
Uiterlijk
- lan·gar
langar
- tegenwoordige tijd aantonende wijs bedrijvende vorm van langa
langar
- tegenwoordige tijd aantonende wijs bedrijvende vorm van lange
langar
- nominatief onbepaald mannelijk meervoud van lang
| enkelvoud | meervoud | |||
|---|---|---|---|---|
| onbepaald | bepaald | onbepaald | bepaald | |
| nominatief | langar | langaren | langarar | langarane |
langar, m
- (beroep) hulparbeider, hulparbeidster (een ongeschoolde arbeider / arbeidster / werknemer / werkneemster)
- een persoon die helpt bij het illegaal verkopen van alcohol of drugs
- [1]: handlangar zn
- [2]: medhjelpar zn
- [2]: mellommann zn