kokosnoot

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ko·kos·noot
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kokosnoot kokosnoten
verkleinwoord kokosnootje kokosnootjes

Zelfstandig naamwoord

kokosnoot v/m

  1. (plantkunde) een holle vrucht van de kokospalm met wit vruchtvlees en een vezelige bast
    • Op Hawaï staan veel bomen met kokosnoten erin. 
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen