kokosmat

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ko·kos·mat
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kokosmat kokosmatten
verkleinwoord kokosmatje kokosmatjes

Zelfstandig naamwoord

kokosmat v/m

  1. een deurmat gemaakt van kokosvezel
    • Nu zijn plastic deurmat versleten was heeft hij een kokosmat gekocht. 
Hyperoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
87 % van de Vlamingen.

Meer informatie