kaapstander

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Het anker hiewen met de kaapstander

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kaap·stan·der
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kaapstander kaapstanders
verkleinwoord kaapstandertje kaapstandertjes

Zelfstandig naamwoord

kaapstander m

  1. (techniek), (scheepvaart) een vertikaal opgestelde windas die rondgedraaid wordt door middel van vier of meer handspaken, en waarmee zware lasten kunnen worden geheven of verplaatst
    • Het touw waaraan de last is vastgemaakt, wordt langzaam maar zeker om de ronddraaiende spil van de kaapstander opgewikkeld. 
Synoniemen
Hyperoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Gangbaarheid

Verwijzingen