gezant

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·zant
Woordherkomst en -opbouw
  • van het Duits
enkelvoud meervoud
naamwoord gezant gezanten
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

gezant m [1]

  1. iemand die door de ene machthebber als boodschapper naar de andere gestuurd wordt
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
zanten

gezant

  1. voltooid deelwoord van zanten
Gangbaarheid
94 % van de Nederlanders
96 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen
  1. Woordenboek der Nederlandse taal