foton

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • fo·ton
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘lichtquant’ voor het eerst aangetroffen in 1942 [1]
  • afgeleid van het Engelse photon [2]
  • met het achtervoegsel -on
enkelvoud meervoud
naamwoord foton fotonen
verkleinwoord fotonnetje fotonnetjes

Zelfstandig naamwoord

foton o

  1. (natuurkunde) een elementair deeltje waaruit elektromagnetische straling is samengesteld
    • Kunt u mij nog een keer uitleggen wat nu precies een foton is? 
Hyponiemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

64 % van de Nederlanders;
70 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen


Pools

Zelfstandig naamwoord

foton m

  1. (natuurkunde) foton


Tsjechisch

Uitspraak
Woordafbreking
  • fo·ton

Zelfstandig naamwoord

foton m onbezield

  1. (natuurkunde) foton
Verbuiging
Afkorting
Afgeleide begrippen
Hyperoniemen
Verwante begrippen

Meer informatie

Verwijzingen


Zweeds

Zelfstandig naamwoord

foton g

  1. (natuurkunde) foton
Verbuiging
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   foton     fotonen     fotoner     fotonerna  
genitief   fotons     fotonens     fotoners     fotonernas