firmware

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • firm·ware
Woordherkomst en -opbouw
  • uit het Engels
enkelvoud meervoud
naamwoord firmware
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

firmware v/m

  1. software die in de hardware ingeprogrammeerd is
     De FBI wil via de rechter Apple dwingen om speciale firmware te ontwikkelen die toegang geeft tot data van de iPhone van een aanslagpleger. De smartphone zou informatie bevatten over een schietpartij in San Bernardino in december vorig jaar.[1]
     De hackbare pacemakers hoeven niet uit de lichamen van patiënten te worden gehaald om te worden vervangen, omdat dit te gevaarlijk zou zijn voor de 465.000 mensen die de betreffende apparaten dragen. In plaats daarvan stelt Abbott een update van het programma in de pacemakers beschikbaar die het veiligheidslek dicht. In Nederland wacht producent Abbott naar eigen zeggen nog op goedkeuring van de nieuwe firmware.[2]
     Computerclub HCC is getroffen door een zware cyberaanval. ,, Hoewel alle software en firmware up-to-date waren, heeft deze aanval veel schade kunnen aanrichten, zowel software- als hardwarematig", aldus de vereniging die onder andere computercursussen houdt voor ouderen.[3]
Vertalingen

Gangbaarheid

58 % van de Nederlanders;
56 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink Weblink bron “Techbedrijven scharen zich achter Apple” (03-03-2016), Tubantia
  2. Bronlink Weblink bron Jules van der Leeuw & Navin Bhagwat “Half miljoen onveilige pacemakers teruggeroepen in VS” (31-08-2017), Tubantia
  3. Bronlink Weblink bron Hanneke Marcelis “Computerclub HCC getroffen door zware cyberaanval” (03-07-2018), Tubantia