doctor

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: dokter

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • doc·tor
enkelvoud meervoud
naamwoord doctor doctors
verkleinwoord doctortje doctortjes

Zelfstandig naamwoord

doctor m

  1. een academicus die een goedgekeurd proefschrift heeft geschreven
    Hij is laatst gepromoveerd van academicus tot doctor.
Afgeleide begrippen
Afkorting
Vertalingen
Gangbaarheid
93 % van de Nederlanders
91 % van de Vlamingen.

Meer informatie


Engels

Uitspraak
enkelvoud meervoud
doctor doctors

Zelfstandig naamwoord

doctor

  1. (beroep) arts
  2. doctor


Spaans

enkelvoud meervoud
doctor doctores

Zelfstandig naamwoord

doctor m

  1. doctor