container

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • con·tai·ner
enkelvoud meervoud
naamwoord container containers
verkleinwoord containertje containertjes

Zelfstandig naamwoord

container m

  1. (grote) gestandaardiseerde metalen kist voor het transport van losse goederen
Vertalingen

Meer informatie


Deens

Uitspraak
Woordafbreking
  • con·tai·ner
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Latijnse werkwoord continere.
  • Deens zelfstandig naamwoord met het voorvoegsel con-.
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   container     containeren     containere     containerne  
genitief   containers     containerens     containeres     containernes  

Zelfstandig naamwoord

container, g

  1. container


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • con·tai·ner
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Latijnse werkwoord continere
  • Noors zelfstandig naamwoord met het voorvoegsel con-.
Naar frequentie 16489
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   container     containeren     containere     containerne  
genitief   containers     containerens     containeres     containernes  

Zelfstandig naamwoord

container, m

  1. container
Schrijfwijzen


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • con·tai·ner
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Latijnse werkwoord continere.
  • Nynorsk zelfstandig naamwoord met het voorvoegsel con-.
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   container     containeren     containerar     containerane  

Zelfstandig naamwoord

container, m

  1. container
Schrijfwijzen