complex

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • com·plex
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen complex complexer
verbogen complexe complexere
partitief complex complexers -

Bijvoeglijk naamwoord

complex [2]

  1. ingewikkeld, moeilijk, uit veel onderdelen bestaand
    Juridisch is dit een complexe zaak.
Vertalingen
enkelvoud meervoud
naamwoord complex complexen
verkleinwoord complexje complexjes

Zelfstandig naamwoord

complex o [3]

  1. geheel van bij elkaar liggende gebouwen met dezelfde functie
    Op het complex liggen vijf voetbalvelden.
  2. (psychologie) een door een affect bijeengehouden groep van voorstellingen b.v. oedipuscomplex
  3. (scheikunde) complexe verbinding
    Het DNA-molecuul is een zeer groot complex van suikers en zuren.
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl
  2. Woordenboek der Nederlandse taal
  3. Woordenboek der Nederlandse taal

Meer informatie


Duits

Bijvoeglijk naamwoord

complex

  1. complex


Engels

Uitspraak
  • IPA: /kəmˈplɛks/, /ˈkɒm.plɛks/
  • SAMPA: /k@m"plEks/, /"kQm.plEks/
Woordherkomst en -opbouw

Bijvoeglijk naamwoord

complex

  1. complex