Naar inhoud springen

coördinator

Uit WikiWoordenboek
  • co·or·di·na·tor
enkelvoud meervoud
naamwoord coördinator coördinatoren, coördinators
verkleinwoord

decoördinatorm

  1. (beroep) iemand die werkzaamheden van anderen op elkaar afstemt
    • Naar aanleiding van de stijging in het aantal roofovervallen is een landelijke coördinator overvalcriminaliteit aangesteld. 
     Iedereen hier in de omgeving had iets van: we willen hieraan deelnemen", zegt Teun Verschueren, coördinator van het personeel.[2]
99 %van de Nederlanders;
98 %van de Vlamingen.[3]
  1. coördinator op website: Etymologiebank.nl
  2. Bronlink geraadpleegd op 6-7-2025 Weblink bron “Schuttersfeest op volle toeren dankzij vrijwilligers: 'Goed voor saamhorigheid'” (6-7-2025), NOS
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be