coördinatrice
Uiterlijk
- Geluid: coördinatrice (hulp, bestand)
- IPA: / ˌko(w)ɔrdinaˈtrisə / (6 lettergrepen)
- co·or·di·na·tri·ce
- Naamwoord van handeling van coördineren met het achtervoegsel -atrice
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | coördinatrice | coördinatrices |
| verkleinwoord | coördinatricetje | coördinatricetjes |
de coördinatrice v
- (beroep) vrouwelijke vorm van coördinator
- Het woord coördinatrice staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "coördinatrice" herkend door:
| 89 % | van de Nederlanders; |
| 93 % | van de Vlamingen.[1] |
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 13
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 6 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -atrice in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Beroep in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 89 %
- Prevalentie Vlaanderen 93 %