charlatan

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • char·la·tan
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘kwakzalver’ voor het eerst aangetroffen in 1658 [1]
  • van het Frans [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord charlatan charlatans
verkleinwoord charlatannetje charlatannetjes

Zelfstandig naamwoord

charlatan m [3]

  1. (scheldwoord) (soms charmante) oplichter ('deskundige') gespecialiseerd in bedrog over zijn afkomst, vaardigheden, intenties of prestaties
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

89 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen