bederven

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·der·ven
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van het (nu zwakke) werkwoord derven met het voorvoegsel be-.
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
bederven
/bə'dɛrvə(n)/
bedierf
/bə'dirf/
bedorven
/bə'dɔrvə(n)/
klasse 3 volledig

Werkwoord

bederven

  1. (overgankelijk) iets kapot maken, doen verrotten, verknoeien
    Hij bedierf de pret met zijn gezeur.
  2. (overgankelijk) iemand te veel verwennen
    Het kind werd door zijn ouders bedorven
  3. (ergatief) verrotten, oneetbaar worden
    Het vlees bedierf omdat het niet in de koelkast teruggelegd was.
Verwante begrippen
Vertalingen
Vertalingen