äis

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Luxemburgs

Uitspraak
  • IPA: /æːɪ̯s/
enkelvoud meervoud
sterk zwak sterk zwak
nominatief ech mir mer
accusatief mech eis / äis
datief mir mer
wederkerend mech


Woordafbreking
  • äis

Persoonlijk voornaamwoord

äis

  1. ons (accusatief van de eerste persoon meervoud)
  2. (aan/voor) ons (datief van de eerste persoon meervoud)