worm
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- worm
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | worm | wormen |
| verkleinwoord | wormpje | wormpjes |
Zelfstandig naamwoord
worm m
- betrekkelijk klein, lang, ongewerveld dier met een zacht lichaam.
- Nadat de vogel een paar minuten op en neer gehupt had, vloog het dier met een dikke worm in de snavel weg.
Vertalingen
1. betrekkelijk klein, lang, ongewerveld dier met een zacht lichaam
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Engels
Woordafbreking
- worm
| enkelvoud | meervoud |
|---|---|
| worm | worms |
Zelfstandig naamwoord
worm