kracht

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kracht
enkelvoud meervoud
naamwoord kracht krachten
verkleinwoord krachtje krachtjes

Zelfstandig naamwoord

kracht v/m

  1. (natuurkunde) een uitwendige oorzaak die ongehinderd door andere krachten de bewegingstoestand van een lichaam verandert.
    Volgens Newton is F gelijk aan het product m·a, waarbij F de kracht voorstelt, m de traagheid van het lichaam en a de versnelling van de beweging ervan.
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen