huren
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- hu·ren
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| huren |
huurde |
gehuurd |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
huren
- tegen betaling lenen
- Als je dat behang van de muur wil halen, kan je daar een machine voor huren.
Vertalingen
1. tegen betaling lenen
Verwante begrippen
Zelfstandig naamwoord
huren mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord huur