wrak

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wrak
enkelvoud meervoud
naamwoord wrak wrakken
verkleinwoord wrakje wrakjes

Zelfstandig naamwoord

wrak o

  1. overblijfsel van een verongelukt of gestrand vaar-, voer- of vliegtuig
  2. brik. vaar-, voer- of vliegtuig in (zeer) slechte staat, vaak schertsend; wat een wrak
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie


Afrikaans

enkelvoud meervoud
naamwoord wrak wrakke

Zelfstandig naamwoord

wrak

  1. wrak