wrak

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wrak
enkelvoud meervoud
naamwoord wrak wrakken
verkleinwoord wrakje wrakjes

Zelfstandig naamwoord

wrak o

  1. overblijfsel van een verongelukt of gestrand vaar-, voer- of vliegtuig
  2. brik. vaar-, voer- of vliegtuig in (zeer) slechte staat, vaak schertsend; wat een wrak
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
wreken

wrak

  1. enkelvoud verleden tijd van wreken
    • Ik wrak. 
    • Jij wrak. 
    • Hij, zij, het wrak. 
Synoniemen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie


Afrikaans

enkelvoud meervoud
naamwoord wrak wrakke

Zelfstandig naamwoord

wrak

  1. wrak