witness

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Engels

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van het naamwoord wit met het achtervoegsel -ness
enkelvoud meervoud
witness witnesses

Zelfstandig naamwoord

witness

  1. toeschouwer
  2. (juridisch) getuige
  3. (religie) een lid van de Jehova's getuigen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
  • [1]: God be my witness!
vervoeging
onbepaalde wijs to witness
he/she/it witnesses
verleden tijd witnessed
voltooid
deelwoord
witnessed
onvoltooid
deelwoord
witnessing
gebiedende wijs witness

Werkwoord

witness

  1. (overgankelijk) aankijken, bekijken, bijwonen
  2. (overgankelijk), (juridisch) getuigen