wimper

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wim·per
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘ooghaartje’ voor het eerst aangetroffen in 1835 [1]
  • Verkorting van wenkbrauw
enkelvoud meervoud
naamwoord wimper wimpers
verkleinwoord wimpertje wimpertjes

Zelfstandig naamwoord

wimper v/m

  1. (anatomie) haartje langs de rand van het ooglid
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen