ooghaar

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

oogharen
Uitspraak
Woordafbreking
  • oog·haar
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord ooghaar oogharen
verkleinwoord ooghaartje ooghaartjes

Zelfstandig naamwoord

ooghaarm/v/o [1]

  1. haar die op de rand van het boven- of onder ooglid zit
    • Ik denk dat ik de eerste computerporno via dat netwerk binnenkreeg. Gemaakt van ASCII-tekens, de universele letterset van alle computers. Met puntkomma's, dubbele punten en enige fantasie kon je een heel eind komen. Begin jaren negentig duurde het nog altijd 21 seconden voor zelfs een kuis plaatje als hieronder binnenkwam. Er waren ook bewegende varianten. Iemand heeft ooit Deep throat ver-ASCII-d, een 55 minuten durend orgasme van rondspringende lettertekens dat door je oogharen en dankzij het puberbrein nog enigszins lustopwekkend was. Het hielp ook erg als je erbij blowde. [2] 
    • Paperback hotelbijbeltjes, vaste telefoons met een krulsnoer, crèmekleurige schemerlampen vastgeschroefd aan de nachtkastjes en natuurlijk de bruinfineren minibar: wie in de Sint Olofskapel door zijn oogharen kijkt, waant zich niet in een kerkgebouw uit de vijftiende eeuw, maar in een hotel in 1996. [3] 
    • Een gebouw maken waarbij de afwijkingen niet groter dan 0,3 millimeter groot mochten zijn, oftewel net iets meer dan de dikte van een ooghaar. Dat was de uitdaging waarvoor chipmachinefabrikant ASML een groep bouw- en installatiebedrijven een kleine 4 jaar geleden plaatste. Donderdag is de nieuwe ‘cleanroom’, die wordt gebruikt voor de nieuwste generatie machines, officieel geopend. [4] 
Synoniemen

Gangbaarheid

91 % van de Nederlanders;
64 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen