wig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: whig
Kloven door het indrijven van wiggen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wig
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord wig wiggen
verkleinwoord wigje wigjes

Zelfstandig naamwoord

wig v/m

  1. (gereedschap) een metalen of houten blok, met twee schuine kanten onder een scherpe hoek, waarmee men iets kan vastklemmen of kan kloven
    • Hoe scherper of spitser de wig is, des te sterker de splijtwerking. 
Schrijfwijzen
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Typische woordcombinaties
  • Een wig drijven tussen ...
Vertalingen

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders
95 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl


Engels

enkelvoud meervoud
wig wigs

Zelfstandig naamwoord

wig

  1. pruik