Naar inhoud springen

wedge

Uit WikiWoordenboek
  • wedge
enkelvoud meervoud
naamwoord wedge wedges
verkleinwoord - -

dewedgem

  1. (kookkunst) langwerpig segment uit een aardappel (vergelijkbaar met een grote friet, maar dan met een meer driehoekige in plaats van een vierkante doorsnede)
  2. (schoeisel) zool die geleidelijk overgaat in een verhoogde hak
  3. (sport) bepaald type slaginstrument voor het golfspel, geschikt om de bal over een korte afstand omhoog te slaan
enkelvoud meervoud
wedge wedges

wedge

  1.  wig zn 
  2. driehoeksformatie
  3. hoek, punt
  4. (schoeisel) sleehak
  5. (sport) wedge [3]
vervoeging
onbepaalde wijs to  wedge 
he/she/it  wedges 
verleden tijd  wedged 
voltooid
deelwoord
 wedged 
onvoltooid
deelwoord
 wedging 
gebiedende wijs  wedge 

wedge

  1. onovergankelijk bekneld raken
  2. overgankelijk vastklemmen, vastzetten
  3. overgankelijk  proppen ww 
  4. overgankelijk  splijten ww ,  splitsen ww