wesp

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wesp
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘insect’ voor het eerst aangetroffen in 1240 [1] [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord wesp wespen
verkleinwoord wespje wespjes

Zelfstandig naamwoord

wesp v/m

  1. (insecten) een zwart-geel gestreept vliesvleugelig insect
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen


Afrikaans

enkelvoud meervoud
naamwoord wesp wespe

Zelfstandig naamwoord

wesp

  1. (insecten) wesp
Synoniemen