verhitten

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·hit·ten
Woordherkomst en -opbouw
  • afgeleid van hitte met het voorvoegsel ver- en met het achtervoegsel -en
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verhitten
verhitte
verhit
zwak -t volledig

Werkwoord

verhitten

  1. (overgankelijk) (kookkunst) heet maken, verwarmen, warmen
  2. (figuurlijk) aanwakkeren, opwinden, prikkelen
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen