excitar
Uiterlijk
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| infinitief | verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| excitar |
excitaba |
excitado |
| volledig | ||
excitar
- overgankelijk (natuurkunde) exciteren
- opwekken, prikkelen, stimuleren
- opwinden, opzwepen, ophitsen
- opwekken, oproepen, aansporen, aanzetten (tot)
- excitar in: Diccionario de la lengua española, 23e druk, op website: Real academia española