vereisen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·ei·sen
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstelling van eisen met het voorvoegsel ver-
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
vereisen
vereiste
vereist
zwak -t volledig

Werkwoord

vereisen

  1. (overgankelijk) nodig hebben
    Een goede samenwerking zal meer vereisen dan alleen het tonen van inzet.
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.