vereist

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·eist
Woordherkomst en -opbouw
  • [1-3] vermis met de uitgang -t
  • vervoeging van vereisen: de stam met de uitgang -t, zonder ge- vanwege voorvoegsel

Werkwoord

vervoeging van
vereisen

vereist

  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vereisen
    • Jij vereist. 
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vereisen
    • Hij vereist. 
  3. verouderde gebiedende wijs meervoud van vereisen
    • Vereist! 
  4. voltooid deelwoord van vereisen
stellend
onverbogen vereist
verbogen vereiste

Bijvoeglijk naamwoord

vereist

  1. benodigd, noodzakelijk
    • Een aanwezigheidsquorum van tweederde van de leden is vereist. 
Opmerkingen
  • Omdat "-stst" moeilijk is uit te spreken en te verstaan kan voor de overtreffende trap beter de omschrijving met meest worden gebruikt.[1][2]
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen