toelaten

Uit WikiWoordenboek

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • toe·la·ten
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
toelaten
liet toe
toegelaten
klasse 7 volledig

Werkwoord

toelaten

  1. overgankelijk niet onmogelijk maken of verbieden, goedvinden, toestaan
    • Hij besloot het gebruik van een rekenmachine toe te laten. 
    • Verbluft door die conclusie draait Albert zich om en ontdekt dan op een paar meter afstand luitenant Pradelle, die op hem afrent, zo snel als zijn uitrusting het toelaat. [1] 
     Voor Lauritz was het licht minder romantisch. In de midzomertijd werd als het weer het toeliet het hooi binnengehaald op Osteroy.[2]
  2. overgankelijk toegang verschaffen
    • Hij werd niet tot het examen toegelaten. 
  3. overgankelijk toestemming krijgen om ergens lid van de worden
     In het kantoortje van de schietbaan werd hem plechtig meegedeeld dat hij zou worden toegelaten als lid van de Jungdeutsche Orden — hij begreep alleen dat het heel eervol was.[2]
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[3]

Verwijzingen

  1. Lemaitre, Pierre
    "Tot ziens daarboven" 2014 ISBN 9789401601931 pagina 20
  2. 2,0 2,1
    Jan Guillou (vert. Bart Kraamer)
    “Tussen rood en zwart” (2014), Uitgeverij Prometheus, ISBN 9789044625691
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be