storen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sto·ren
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘hinderen’ voor het eerst aangetroffen in 1260 [1] [2] [3]
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
storen
stoorde
gestoord
zwak -d volledig

Werkwoord

storen

  1. overgankelijk het functioneren nadelig beïnvloeden
    • Alle radio-uitzendingen uit Engeland werden door de bezetter gestoord. 
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen