scheiding

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • schei·ding
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord scheiding scheidingen
verkleinwoord scheidinkje scheidinkjes

Zelfstandig naamwoord

scheiding v

  1. het uiteenhalen van iets in zijn onderdelen
    • De scheiding van hafnium en zirconium is niet eenvoudig. 
  2. de lijn aan weerszijden waarvan haar naar de ene of de andere kant valt, de haarscheiding
    • Draagt u een scheiding links of rechts? 
  3. het verbreken van een huwelijk
    • Zij vroeg een scheiding aan. 
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie