Naar inhoud springen

regelmatig

Uit WikiWoordenboek
  • re·gel·ma·tig
  • Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘met vast ritme’ voor het eerst aangetroffen in 1661 [1]
  • Afleiding van regelmaat met het achtervoegsel -ig.
  • Afleiding van regel met het achtervoegsel -matig
stellendvergrotendovertreffend
onverbogen regelmatigregelmatigerregelmatigst
verbogen regelmatigeregelmatigereregelmatigste
partitief regelmatigsregelmatigers-

regelmatig

  1. aan een bepaalde regel gehoorzamend
    • Na enige tijd had hij weer een regelmatige hartslag. 
    ▸ Thuis heb ik te weinig tijd om te schilderen en nu genoot ik er extra van om regelmatig kleine schilderijtjes met mijn twee kleuren te maken.[2]

regelmatig

  1. op gezette tijden
    • Er wordt regelmatig schoongemaakt. 
    ▸ Ook hij doet regelmatig een wasje.[3]
    ▸ Ook kinderen tot elf jaar belanden regelmatig in het ziekenhuis. "Zij beginnen net met fietsen", zegt Baden. "Ze zijn de vaardigheid nog aan het leren, en hebben nog minder zicht op de gevaren van het verkeer."[4]
  2. af en toe
    • Hij heeft regelmatig studenten op zijn spreekuur. 
100 %van de Nederlanders;
99 %van de Vlamingen.[5]
  1. ↑ "regelmatig" in:
    Sijs, Nicoline van der
    , Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org
    ; ISBN 90 204 2045 3
  2. ↑
    Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  3. ↑ “De Camino” (2021), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789024582280
  4. ↑ Bronlink geraadpleegd op 16 april 2025 Weblink bron
    Noor de Kort
    “Nederlanders willen geen fietshelm, maar dat gaat misschien veranderen” (16 april 2025), NOS
  5. ↑ Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be