Naar inhoud springen

regulier

Uit WikiWoordenboek
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: régulier
  • re·gu·lier
enkelvoud meervoud
naamwoord regulier regulieren
verkleinwoord - -

deregulierm [3]

  1. (religie) ordesgeestelijke, kloosterling
stellendvergrotendovertreffend
onverbogen regulierregulierderregulierst
verbogen reguliereregulierdereregulierste
partitief reguliersregulierders-

regulier [4]

  1. geregeld, regelmatig
  2. (religie) volgens een bepaalde kloosterregel levend, tot een specifiek religieuze orde behorend
99 %van de Nederlanders;
97 %van de Vlamingen.[5]