rechte

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • rech·te
enkelvoud meervoud
naamwoord rechte rechten
verkleinwoord rechtetje rechtetjes

Zelfstandig naamwoord

rechte v/m

  1. (wiskunde) een rechte lijn
    • De zijden van een driehoek zijn drie rechten. 
Antoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Zelfstandig naamwoord

rechte

  1. datief van recht, archaïsche vorm die in enkele staande uitdrukkingen voorkomt
Uitdrukkingen en gezegden

Bijvoeglijk naamwoord

rechte

  1. verbogen vorm van de stellende trap van recht

Werkwoord

vervoeging van
rechten

rechte

  1. aanvoegende wijs van rechten

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be