rechten

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • rech·ten
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
rechten
rechtte
gerecht
zwak -t volledig

Werkwoord

rechten

  1. je lichaamshouding corrigeren
    • Hij liep naar voren, rechtte zijn schouders en sprak ons toe. 
Hyponiemen

Zelfstandig naamwoord

rechten mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord recht
  2. meervoud van het zelfstandig naamwoord rechte
Hyponiemen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie