rasp

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
[1] Een rasp.
[2] Een rasp.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • rasp
enkelvoud meervoud
naamwoord rasp raspen
verkleinwoord raspje raspjes

Zelfstandig naamwoord

rasp v/m

  1. (gereedschap) een grofgetande vijl die wordt gebruikt om rondingen aan hout te maken
  2. (gereedschap) (huishouden) een keukengereedschap voor het fijn maken van kaas, nootmuskaat, citrusschil e.d
  3. raspsel
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
raspen

rasp

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van raspen
    Ik rasp.
  2. gebiedende wijs van raspen
    Rasp!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van raspen
    Rasp je?


Meer informatie