nootmuskaat

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • noot·mus·kaat
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord nootmuskaat -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

nootmuskaat v/m

  1. (specerij) een specerij afkomstig van de nootmuskaatboom Myristica fragrans op Wikispecies
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen