quaker

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • qua·ker
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘lid van godsdienstige sekte’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1655 [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord quaker quakers
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

quaker m/v

  1. volgeling van een religieuze beweging gekend onder de naam Genootschap der Vrienden
Vertalingen

Gangbaarheid

75 % van de Nederlanders;
71 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen


Frans

Zelfstandig naamwoord

quaker

  1. quaker m/v ; volgeling van een religieuze beweging gekend onder de naam Genootschap der Vrienden