leid

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • leid

Werkwoord

vervoeging van
leiden

leid

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van leiden
    • Ik leid. 
  2. gebiedende wijs van leiden
    • Leid! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van leiden
    • Leid je?