ladder

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • lad·der
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord ladder ladders
verkleinwoord laddertje laddertjes

Zelfstandig naamwoord

ladder v/m

  1. een houten of metalen voorwerp met treden om makkelijk op hoger gelegen plaatsen te komen
  2. (muziek) verkorting van toonladder
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Werkwoord

vervoeging van
ladderen

ladder

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van ladderen
    Ik ladder.
  2. gebiedende wijs van ladderen
    Ladder!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van ladderen
    Ladder je?
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl