deurmat

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Deurmat

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • deur·mat
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord deurmat deurmatten
verkleinwoord deurmatje deurmatjes

Zelfstandig naamwoord

deurmat v/m

  1. een kleine mat, waarop men bij de deur de schoenen kan afvegen
    • De buurman kocht een deurmat waarop de tekst "welkom!" stond. 
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie