immoreel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • im·mo·reel
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen immoreel immoreler immoreelst
verbogen immorele immorelere immoreelste
partitief immoreels immorelers -

Bijvoeglijk naamwoord

immoreel

  1. tegen geweten, moraal, zeden of normen ingaand
    • Vier maanden daarna verliet Krotoa haar kinderen en begon een losgeslagen leven van drank en prostitutie voordat zij op 10 februari 1669 op aanklacht van immoreel openbaar gedrag in hechtenis werd genomen. [2]
Synoniemen
Antoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen