frustreren

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • frus·tre·ren
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
frustreren
frustreerde
gefrustreerd
zwak -d volledig

Werkwoord

frustreren (overgankelijk) [2]

  1. belemmeren in de verwezenlijking van zijn verwachtingen of behoeften
  2. dwarsbomen, verijdelen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl
  2. Woordenboek der Nederlandse taal