extreem

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ex·treem
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘uiterst’ voor het eerst aangetroffen in 1544 [1]
  • [2]
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen extreem extremer extreemst
verbogen extreme extremere extreemste
partitief extreems extremers -

Bijvoeglijk naamwoord

extreem

  1. uiterst, uitzonderlijk
    • Dit is het extreemste geval dat ik ooit gezien heb. 
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Antoniemen
Vertalingen
stellend vergrotend overtreffend
extreem extremer het extreemst


Bijwoord

extreem

  1. op uitzonderlijk wijze
    • Vannacht is er extreem zware vorst te verwachten. 
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen