borstrok

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • borst·rok
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord borstrok borstrokken
verkleinwoord borstrokje borstrokjes

Zelfstandig naamwoord

borstrok m [3]

  1. (kleding) een extra warm kledingstuk dat in koude periodes gedragen wordt. De borstrok wordt over het hemd gedragen, maar onder het overhemd of de trui.
    • Volendam gold als een laatste overblijfsel van het ‘zuivere’ Holland, een weerbarstige gemeenschap waar de eeuwenoude mutsen, kappen, borstrokken, pofbroeken en klompen nog dagelijks werden gedragen en waar men zelfs nog het oude Waterlandse dialect sprak. In Amerika, waar in die periode juist weer grote behoefte bestond aan vaste Europese ankers, ontstond zelfs een ware ‘Holland Mania’ - een fenomeen dat vakkundig werd aangejaagd en geëxploiteerd door de Volendamse hotelhouder Leendert Spaander en zijn beeldschone dochters.[4] 
    • Ondergoed Een onderbroek van Frank Rijkaard en een slip van Calvin Klein dienen zichtbaar uit de broek te puilen en een bh van Jean-Paul Gaultier wordt het best onder doorzichtige stof gedragen. Na Madonna draagt niemand meer een wollen borstrok. De tentoonstelling Mode onder Mode onthult de geschiedenis van de lingerie, van vijgenblad tot string. [5]  
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

86 % van de Nederlanders;
68 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen