betrouwbaar

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·trouw·baar
Woordherkomst en -opbouw

Naamwoord van handeling van betrouwen met het achtervoegsel -baar

stellend vergrotend overtreffend
onverbogen betrouwbaar betrouwbaarder betrouwbaarst
verbogen betrouwbare betrouwbaardere betrouwbaarste
partitief betrouwbaars betrouwbaarders -

Bijvoeglijk naamwoord

betrouwbaar

  1. te vertrouwen, zo dat men zich erop kan verlaten
    Ik durf best over het ijs te gaan, want het ziet er betrouwbaar uit.
  2. geloofwaardig
    De getuige maakte een betrouwbare indruk.
  3. deugdelijk
    Dit bedrijf staat bekend om de betrouwbare producten die het produceert
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie