besluiten

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·slui·ten
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
besluiten
besloot
besloten
klasse 2 volledig

Werkwoord

besluiten

  1. overgankelijk vaststellen hoe het moet, het maken van een keuze
    • In de directievergadering besloten de directeuren om de bedrijven samen te voegen. 
  2. overgankelijk afsluiten
    • De avond werd besloten met een kopje koffie. 
Vaste voorzetsels
  • besluiten tot
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Zelfstandig naamwoord

besluiten mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord besluit

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.